dinsdag 25 september 2012

Reis Jordanië 2012













DAG 1
Super vroeg, (3h) opgestaan om via Brugge naar Zaventem te rijden.
Bij de check-in bleek dat het reisbureau ons in de steek gelaten had want er was geen “assistentie” voorzien.
“Assistentie” betekent hulp voor mensen die niet goed te been zijn. (like me…).
Ik was dus verplicht de volledige weg tot de gate af te haspelen met krukken.
Nie goe dus … mijn been leek al snel op een waterzak die op springen stond … en zo voelde het ook.
Idem dito bij de tussen(over)stop in Rome.
Gelukkig mochten we een stukje mee met de “pausmobiel”, een elektrisch wagentje.
Geen goed voorteken voor de rest van de reis, overal stekende pijn en het drukkend gevoel van de zwelling.
Met zo’n been zou ik  zeker niet kunnen deelnemen aan de voorziene uitstap van dag 2 naar Jarash.
Gelukkig kon ik tijdens de vlucht Rome-Amman (3h) languit op 3 zetels uitrusten.

Allah is met ons, want toen we rond 18h plaatselijke tijd (Brussel +1) aankwamen in Amman, werd mij spontaan een rolstoel aangeboden met begeleiding!
Niet alleen begeleiding uit het vliegtuig, neen, tot aan het visumloket waar een immens lange rij stond.
De vriendelijke man wisselde geld voor ons, ging vooraan in de rij gaan staan voor het visum, idem dito voor de douane, wij moesten niet eens meegaan. Ik zie dat niet gebeuren in Brussel hoor.
Het mooi verhaal bleef duren want wij werden netjes “afgezet” bij onze taxichauffeur die ons 3 dagen ging vergezellen.
Een supervriendelijke, goedlachse man.  Maakt zich perfect verstaanbaar in Engels!
Vooraleer hij ons incheckte in het hotel (ja dat deed hij voor ons) en een zak ijs voor mij haalde, dronken we onderweg bij een fantastische zonsondergang onze eerste Turkse koffie, eigenlijk niet te drinken maar ideaal om in de sfeer komen. 

















DAG 2
De nacht geslapen met de koffer onder mijn matras.
Niet uit veiligheidsredenen maar mijn om mijn been hoog te kunnen leggen.

’s Morgens was mijn onderbeen gelukkig bijna helemaal ontzwollen.
Na het ontbijt stond onze chauffeur, Riad ons op te wachten in de lobby.
Hij zou speciaal voor mij zorgen dat ik zo weinig mogelijk zou moeten wandelen en zo veel mogelijk zou kunnen zien.
Na een stop bij de apotheker om ontzwelling steunkousen te gaan kopen, reden we naar de citadelheuvel in Amman.
Op de heuvel zijn er verschillende overblijfselen te zien van tempels en kerken uit de oudheid, maar wat we het meest onthouden hebben van dit bezoek is het adembenemende zicht op de hoofdstad Amman en de het prachtige amfitheater in de vallei.
De huizen in Amman zijn allemaal in de zelfde kleur (beige), andere kleuren mogen niet van de overheid.
Mijn been hield het tijdens de “wandeling” wonderwel goed vol. Zou dit het steunkousen effect geweest zijn?

Na een Turkse koffie onderweg… reden we verder richting Jarash die 75 kilometer noordelijker ligt dan Amman, niet ver van de Syrische grens.
Jarash is de best bewaarde Romeinse stad van het nabije oosten, heel indrukwekkend om te zien.
Onze chauffeur bracht ons netjes met de auto van site naar site, zodat ik niet onnodig veel moest wandelen, schitterend!
Het mooiste van dit bezoek wat ons is bijgebleven is de “zuilenstraat”, maar liefst 260 goedbewaarde zuilen!

Na dit bezoek reden we terug richting Amman met een paar stops onderweg , eerst wilde Riad mij het Jordaanse nationaal bier laten proeven, met name Petra, maar zelf dronk hij een oer Hollandse Amstel Bier…
Els hield het bij water en een niet te vreten soort maïs delicatesse.
Het viel ons op dat Riad, onze chauffeur  iedere keer weer betaalde voor ons.
We eerder al aangegeven dat wij dit niet wilden maar hij wimpelde ons telkens weer af. Jordan hospitality zei hij …
Verder richting Amman  maakten wij op vraag van Els een stop bij een grote souvenir winkel.
Had hij toch wel voor Els een mooie armband gekocht … raar, daar moet toch meer achter zitten dachten we.
Hij had ons eerder ook al een flesje met gekleurd zand cadeau gedaan.
Terug in Amman reden we door rijke buurt waar de veiligheidsvoorzieningen immens zijn, om de 200 meter stond er een gepantserde pick-up met een vast automatisch wapen  en veiligheidagent.
Is Jordanië dan toch niet zo veilig zoals iedereen ons zegt?

Na “de was en de plas” in het hotel vertrokken met een taxi naar de binnenstad om wat te gaan eten.
In de reisgids had ik gelezen dat de taxi’s spotgoedkoop zijn in Jordanië.
Ik vond het best wel vreemd dat er tussen de 4 getallen op de taximeter geen punt stond.
Toen we aan het restaurant kwamen, zo’n 15 minuten rijden, stond de meter op 1320, vroeg dienen pipoo van de taxi toch wel JD 13 zeker ? (JD = €)
Dat vonden wij toch wel duur, zouden de reisgidsen het mis hebben?
De  chauffeur was bereidt te wachten en ons terug te brengen voor de gezamenlijke prijs van JD 20.
Op de terugweg begonnen wij meer en meer argwaan te krijgen want de meter bleef maar lopen.
Toen wij aan het hotel kwamen stond de meter op 4200, ok wij moesten JD 20 betalen, minder dus.
Ik besloot om te wachten met betalen en eventjes mijn licht op de steken aan de hotelbalie.  
Bingo! 4200 is amper 4,2 JD zei de man aan de balie, wij hadden dus te maken met een bedrieger.
Na een verhitte discussie met de taxichauffeur  met scheldwoorden zoals liar, cheater, schapefretter … kreeg de jonge man het ronde bedrag van JD 5, dus hij kreeg 0,80 fooi … toch lief van ons hé.
A ja en dit nog, met mijn been gaat het stukken beter, ik overweeg om morgen zonder krukken op pad te gaan.













DAG 3
We lieten Amman achter ons om westwaarts richting Dode zee te rijden (82 km).
Riad de chauffeur liet zich terug opmerken door drank voor ons te kopen, 1 fles witte wijn voor Els en 2 halve liters bier voor mij…

De eerste echte tussenstop was in Madaba waar we de St-George kerk bezochten.
In de kerk is er op de grond een mozaïeken landkaart te zien van the Holy Land met maar liefst 2 miljoen steentjes.
Toen we terugkwamen aan de auto kregen we (ongevraagd) een soort Jordaanse pitta met groenten en een zakje met bitterballen? van Riad.
Allah zal wel geweten hebben welk vlees? er in die dingen zat, wij alvast niet … Riad zei “Humus, humus” … Humus? …
Een feit was dat Els en ik het goedje niet konden smaken.
Tja, wat doe je dan, toch iets eten van dat “ding” en af en toe een grote slok bier drinken om door te spoelen.

Omdat we door de mozaïek streek reden maakten we een stop bij een “handcraft” fabriekje (met winkel) waar we konden zien hoe een mozaïek vervaardigd wordt.

Vervolgens reden we verder door een sober berglandschap richting grens Israel.
Mount Nemo was onze volgende stop.
Daar zou Mozes gestorven zijn vlak nadat hij op de berg voor de laatste keer het beloofde land zou aanschouwd hebben.
De klim te voet naar de top was er ééntje van anderhalve kilometer wat me langzaamaan goed lukte, alléé toch bijna, want vlak voor de top “keerde” mijn maag en kwam de Jordaanse pitta terug vanwaar ze kwam…
Na een rustpauze kwamen we aan op de top van Mount Nemo.
Het vergezicht die we te zien kregen was fenomenaal, wel jammer dat het geen helder weer was, want normaal zou Bethlehem en Jeruzalem vandaar uit heel goed te zien moeten zijn.
Ik nam ruimschoots de tijd, met af en toe een stop, om terug naar beneden te gaan, want mijn been begon wat tegen te stribbelen.
Riad, die beneden stond te wachten had dit blijkbaar gezien want hij kwam naar boven gelopen met mijn krukken… .

Hoe meer we richting Israël reden, hoe opvallend warmer het werd, zeer warm, ik schat een graad of 35°C.
We passeerden ook meer en meer zwaar bewapende posten.
Normaal gezien zat er in het reisprogramma een wandeling naar de Jordaan rivier, grens Jordanië-Israël.
Omdat dit een wandeling van 3 uur is, hielden we het voor bekeken en lieten we onze chauffeur naar het hotel rijden aan de Dode zee.
In het hotel was het tijd om afscheid te nemen van Riad, Els en ik hadden ons al afgevraagd hoeveel fooi we hem moesten geven, want dit is gebruikelijk in Jordanië.
Ik had eerder al een uitgebreid gesprek gehad met hem om te polsen hoeveel andere toeristen hem gaven.
Natuurlijk wilde hij daar niets over zeggen.
Blijkbaar was het bedrag die we hem gaven voldoende want er verscheen een brede glimlach op zijn gezicht …

Het hotel Black Sea (hoe verzinnen ze die naam) is super luxueus, eigenlijk niet voor mensen zoals wij.
Op een heuvel in verschillende niveaus, met op ieder niveau zwembaden om dan te eindigen bij het stand en de Dode zee.
Morgen, dag 4 wordt een rustdag, met vast en zeker een duik in de Dode zee met been!

















DAG 4
Er stond een dagje “lekker niets doen in de zon” op het programma.
Els, die altijd heel vroeg haar bed uit is, deed me bijna een hartaanval krijgen toen ze zei dat het buiten hard aan het regenen was.
Damned daar gaat mijn dagje “zonnekloppen” vloekte ik.
Gelukkig was het een grap want toen ik de gordijnen open deed scheen het zonnetje al vrolijk.

Na het ontbijt was het tijd om te gaan kennismaken met de Dode zee.
De Dode zee is eigenlijk een groot meer, middenin ligt de grens met Israël, het beloofde land.
De zee ligt maar liefst 400 meter onder de zeespiegel en is daarmee het laagste punt op aarde volgens de reisgids, ik dacht dat het Dead Valley was in Nevada (VS), waar ik eerder ben geweest.

Het water in Dode zee bevat maar liefst 30%! zout, meer dan 10 keer meer dan “onze” Noordzee, super zout dus er is dan ook geen leven in de Dode zee. Die vis aan mijn poep zal ik dan wel gedroomd hebben zeker.
Door het hoge zoutgehalte is het bijna onmogelijk om te zwemmen, het enige wat je kan is op je rug ronddobberen, zinken is onmogelijk, een heel aparte beleving.

Dit moest! ik ervaren, de wonden aan mijn kuit had ik afgedekt met waterwerende pleisters, daarboven bracht ik verband aan en nog daarboven de steunkousen zodat er zeker geen zout aan mijn kuit zou komen want dat zou een pijnlijke ervaring zijn.

Dan was het tijd voor mijn “once in a lifetime” moment.
Wat een ervaring! zonder iets te moeten doen blijf je bovendrijven, je kan dus lekker zonnen op het water.
Ook een boek lezen kun je terwijl je aan het ronddobberen bent!  Ongelofelijk!
De waterafstotende pleister deed zijn werk (Thanks to Allah!), maar er was er was een ander probleem.
Ik had mij ’s morgens geschoren, scheren maakt kleine wondjes, als er daar super mega zout water op komt, kun je je wel voorstellen dat dit pijn doet …

Wat men ook zeker moet doen aan de Dode zee volgens de reisgids, is een modderbad nemen.
De modder zou een genezende, helende werking hebben, een gratis peeling dus …
Tijd dus om elkaar rug in te smeren met modder.
Ik was ietsje te enthousiast, want ik zakte (met mijn “slechte” been) een halve meter de modder in en ik kon er niet meer uit.
Een behulpzame man moest mij komen “redden” net voordat ik verdween in de modder ……..

De namiddag hebben wij doorgebracht op en rond het zwembad, lekker zonnen en mensen kijken…
Opvallend is dat de moslim vrouwen “zonnen” en zwemmen in een soort duikpak.
Ik kan niet begrijpen dat die vrouwen van hun vakantie optimaal kunnen genieten, maar ja Allah wilt het …

Voor dag 5 staat er lange rit van 284 km op het programma met tussenin verschillende stops.
Ik kijk er alvast naar uit.





















DAG 5
Yousef was de chauffeur van dienst op dag 5.
We merkten onmiddellijk op dat hij niet zo opvallend gedienstig was als Riad, natuurlijk “no problem” voor ons.
Jammer was dat hij niet zo goed Engels kon praten, met het Arabisch accent was hij (zeker voor mij) moeilijk te begrijpen.
Eerst reden we een flink stuk langs de Dode zee, met tussenin een korte stop om de reusachtige zoutkristallen te bewonderen aan de oever van het water.

50 kilometer verder land inwaarts bezochten we Karak, meerbepaald het kasteel bovenop de heuvel.
Volgens Yousef een topattractie, voor ons een ruïne zoals er zoveel zijn in Europa.

We reden verder in zuidelijke richting, het woeste, droge landschap werd af en toe afgewisseld met dorpen/steden die we kennen van televisie, straten vol betonnen blokken met tussenin stoffige winkels met daarvoor, meestal in groepjes zittende Arabieren.
Hoe meer we zuidwaarts reden hoe mooier het landschap werd, prachtige rotsformaties wisselden zich af.  
Vlakbij de stad Dana hielden we halt, op een stoel gezeten met een Turkse koffie in de hand konden we daar genieten van het prachtige uitzicht op de streek, enorm rustgevend.
Jammer genoeg wilde onze chauffeur snel weer verder, ik kon er gerust nog uren zitten genieten in ’t zonnetje.

Een half uurtje verder bracht Yousef ons bij het kasteel Shawbak, een beetje te vergelijken met het vorige dat we bezochten.
Ik besloot het kasteel te laten voor wat het was en mijn been te sparen voor morgen, de uitstap naar het 7e wereldwonder Petra, waar er constant gewandeld zal moeten worden.

In de late namiddag kwamen we aan in het hotel.
Het was er niet zo rustig, een dronken man zat constant te roepen vanuit een toren met luidsprekers.
Vreemd was dat er 100 meter verder nog zo’n man zat, zodat de hele stad het hoorde.























DAG 6
Om 5h30 uit bed want er stond een hele drukke dag op het programma.
De hamvraag van de dag was: zou mijn been het volhouden?
Petra site is enorm uitgebreid in lengte en in niveauverschil en er zou best wel eens iets mis kunnen gaan met mijn been…
Eerder was pijn in mijn kuit geminderd,de zwelling was ook minder, maar toch nog veel zwelling rond mijn enkel en voet.
Hoe zou mijn been reageren op een voordurende belasting?

Toen we aankwamen met de taxi aan het Petra Visitor center  was er nog niet veel volk te bespeuren.
Het was ook vroeg, zondag en buiten seizoen.
Het inkom ticket om dit door de Unesco beschermde goed te bezoeken is flink prijzig, ongeveer € 50 per persoon, het is dan ook één van de 7 wereld wonderen!
Wij, Europeanen kennen Petra niet alleen van de uit rotsen gekapte stad, maar vooral uit de film van Indiana Jones.

Het eerste stuk die wij bewandelden werden wij constant aangemoedigd om een ander voorbewegings middel te gebruiken dan onze voeten, men zag mij natuurlijk manken…
You need a camel? Donky? Rit with a horse up? We make a cheap price for you.
No! not for mij, no thanks, me af en toe take a break for my leek…
Nee dit wil ik zien op mijn eigen tempo, hoe traag het ook mag zijn, veel rusten tussenin.

Wat we onderweg te zien kregen was overweldigend! Echt moeilijk met woorden op dit verslagje te omschrijven.
Dit moet een mens eenmaal in zijn leven gezien hebben.
Immense rotskloven, siq genaamd, rotswanden, uitgekapte gebouwen, adembenemend mooi!  
Dit heb ik, met mijn “bescheiden” reiservaring nog nooit gezien! Top!

Het hoogtepunt, ahaaa… was Khazneh, de schatkist.  Dit immense bouwwerk is onbeschrijfelijk mooi! (zie foto).
Op het plein verdrongen zich tientallen souvenirs verkopers elkaar om hun prullen te verkopen.
Als je interesse toont in de “souvenirs” mag je je meteen verwachten aan 4-5 andere verkopers rond je.
Toen wij rustig zaten te genieten van het uitzicht werden wij getrakteerd  op een slaande ruzie tussen de verkopers, niet alleen met handen of vuisten maar ook met stenen, een leuk schouwspel … hmm…

Eén van de andere top bezienswaardigheden die we bezochten was het klooster, hoog op de berg, onwaarschijnlijk mooi, uitgekapt uit een rots.
Om het klooster te bereiken moest er vooraf een steile klim met onderweg meer dan 800 trappen beklommen worden.
Els had geen energie meer en koos om de afstand af te leggen met een ezel.
Ikzelf koos om het traject af te leggen te voet … stap voor stap, been voor been met heel veel tussenpozen, time out’s … zo kan men toch veel meer genieten van de omgeving?
De beloning was dan ook immens, het klooster, Jebel ed deir, adem-be-nemend mooi!

Op de terugtocht begon mijn kuit goed tegen te sputteren, het einde  halen was met vallen en (moeilijk) opstaan.
Ik was blij terug te zijn in het hotel om mijn kuit te verwennen met een zak met ijs.
Wat een onvergetelijke dag!

Maar die onvergetelijke dag had nog een (super) staartje.
Op een gegeven ogenblik kregen wij een telefoontje op de kamer.
Een verrassing, Riad onze chauffeur van het begin van de reis stond ons op te wachten beneden.
Hij wou ons een super avond bezorgen en dat heeft hij ook gedaan.
Hij kocht ons bbq chicken, bier en wijn en reed ons in de bergen in om op een prachtig plekje het houtvuur aan te steken, zodat we in een prachtige omgeving ons diner konden nuttigen.
Dat is dus vakantie !!!!!!
Toen ik mij op een gegeven ogenblik op mijn rug languit naar de sterren keek dacht ik …. nu moet ik toch gelukkig zijn .
Voor Els was het ook een leuke avond, zij werd verwent door Riad.
 
DAG 7



Na het late ontbijt vertrokken we voor een 2 uur durende rit naar Wadi Rum.
Wadi Rum is een woestijnstad 120 km ten zuiden van Petra die we gisteren bezochten.
Onderweg vertelde Yousef, de chauffeur dat kamelen niet alleen als vervoermiddel worden gebruikt maar ook voor het (mals) vlees en de melk, die vooral door sporters gedronken wordt.
1 kameel zou ongeveer € 2000 waard zijn.

30 km voor Wadi Rum zagen wij de eerste immense rotsformatie te voorschijn komen aan de horizon.
Eerder hadden we al het landschap zien veranderen naar pure zandgrond.

Aan het visitor center van het national park Wadi Rum stond de chauffeur ons op te wachten.
Hij zou ons naar de mooiste bezienswaardigheden brengen van het park.
Vooraf had ik nog wat discussie met hem over de prijs.
JD 80 (€ 80) vond ik wel wat overdreven, mijn trouwe reisgids Trotter had het over JD 60.
Het lukte mij niet om iets van de prijs af te doen.

We reden niet meteen de woestijn in want Ali (driver) nodigde ons uit om bij hem thuis thee te komen drinken.
Een unieke ervaring, samen met zijn broers, moeder wilde blijkbaar niet bij komen zitten.
Volgens Ali was het op dat moment rond de 42°C in de schaduw. We moesten ons zo goed mogelijk beschermen tegen de zon.

Na de thee reden we achterop de pick-up mee de woestijn in voor een halve dag vol verassende natuurfenomenen.
Het was achteraan in de kofferbak goed vasthouden want Ali duwde stevig het gaspedaal in.
Mijn been vond dat eigenlijk niet zo leuk …

Onderweg werden we keer op keer geconfronteerd met bizarre rotsformaties, rode zandvlaktes en andere natuurwonderen. Onvergetelijk!

Ik had vooraf veel te weinig drinken meegenomen.
En in de woestijn zijn er geen cafés ….
Zo hebben we 2 uur lang op onze tanden moeten bijten.
Voor een droge lever zoals ik is dit een beetje zoals doodgaan ..
Op een gegeven ogenblik begon ik cola automaten te zien in de woestijn…
Thanks to Allah hebben we het overleeft.
In de vooravond bracht Ali ons naar een tentenkamp waar wij zouden overnachten.
Een terrein met een 60-tal sobere vierkanten tentjes met daarin 2 bedden.
Wat een leuke ervaring.

’s Avonds was er op het terrein een buffet diner in openlucht lucht met een hoop dingen die ik (weer) niet lustte.
Els ging al snel na het eten naar tent waardoor ze de plaatselijke traditionele dansen moest missen. 













DAG 8
Ik had een onrustige nacht achter de rug.
Mijn bed piepte alsof er 100 muizen onder zaten.
Alsof dit nog niet genoeg was had ik flink kou gehad. De temperatuur kan ’s nachts behoorlijk zakken in de woestijn.
En Els … die had nergens last van gehad.

We reden naar Aquaba, een kust/haven stad aan de Rode zee.
Aquaba ligt aan het 4 landen punt Egypte – Israël – Saoudi Arabië – Jordanië.
Het hotel waar we voor waar we 2 nachten zouden verblijven ligt midden in de stad.
Om naar het strand te gaan, wat we in de namiddag gedaan hebben, moesten we tegen betaling een shuttle bus nemen, die ons dan bracht naar een beveiligd privé strand zo’n 10 kilometer verder.
De Rode zee heeft zeer helder water, het is bekent voor het prachtig onderwater leven met tropische vissen en veel koraal.
Een snorkel verkenningsduik was dus op z’n plaats en het was de moeite! Ik moest nog niet eens 30 meter in zee gaan, de vissen kwamen al rond mijn been zwemmen … misschien wel aangetrokken door de wonde van mijn kuit…

’s Avonds wat rondgeslenterd in Aquaba.






DAG 9
Opnieuw werd ik ’s nachts wakker gehouden door lawaai.
Het geluid kwam van het verdiep boven ons.
Gebonk en af en toe het geluid van een kaatsende bal of zoiets …
Ik werd er bloednerveus van.
Geen reactie vanuit het bed naast me, Els sliep al een paar uur…
Op een gegeven ogenblik was ik het zo kotsbeu dat ik besloot om eens te gaan “informeren” boven…
Er bleek boven onze kamer een nachtbar te zijn met 2 biljarttafels, dit verklaarde de kaatsende ballen…
Veel meer zeggen tegen de barman van “ i can’t sleep with the noise of your balls” kon ik niet…
’s Morgens aan de balie vertelde ik aan de receptioniste van mijn nachtelijk probleem.
Blijkbaar was het niet de eerste keer dat ze deze klacht kreeg want ze bood ons meteen een andere kamer aan.
Fijn! want we hadden in de badkamer geen warm water.

In de namiddag nadat we wat rondgeneusd hadden in de “bazaar” vertrokken we voor de laatste keer richting Rode zee voor de laatste ultieme confrontatie met zon en zee …
Rust ooooooh, rust … ,die hemelse rust werd op een gegeven ogenblik grondig verstoord door wat elke wereldtoerist het ergste vreest …. luidruchtige Hollanders* ….. 
Er was er eentje gebeten door een walvis? … en heel het strand mocht dat weten …
Eventjes was de rust terug, maar dit veranderde snel toen ze terug kwam van de eerste hulp post.
Iedereen mocht haar geamputeerde arm aanschouwen … dit was pas wereldnieuws.  Man man man …
Toen ik het shuttle busje opstapte die mij (Els was al eerder vertrokken) naar het hotel zou brengen kreeg ik als kers op de taart een busje vol H …….















Dag 10
Omar, de chauffeur die ons naar het eindpunt van de reis, de hoofdstad Amman zou brengen had maar liefst 420 km gereden om ons op te halen.
Wij hadden op de laatste volle dag in Jordanië een 5 uur durende rit op het programma staan, dit van Aquaba tot Amman. Van het meest zuidelijke punt naar het noorden.

Omar sprak vlot Engels, voor ons betekende dit tijd voor het “vragenuurtje”.
Altijd leuk om nieuwe dingen te weten te komen van het land en de mensen.
Zo leerden wij dat Vlamingen en Arabieren een zelfde woord hebben namelijk patatten, het wordt helemaal hetzelfde uitgesproken, leuk toch?

In de late namiddag kwamen we aan in Amman bij het zelfde hotel waar wij in het begin van onze rondreis verbleven.
Daar moesten we tot twee keer toe veranderen van kamer omdat er op iedere kamer wel meerdere dingen fout of defect waren. Els kan zich daar behoorlijk fel over opwinden, voor mij maakt het allemaal niet zoveel uit.

’s Avonds zijn we de sfeer gaan opsnuiven down town Amman waar we konden genieten van de typische oosterse marktjes en winkels.

Morgen is het “Oosters sprookje” voorbij dan vliegen wij in 2 etappes naar huis.
Amman – Wenen
Wenen – Brussel
Daarna de trein terug naar Brugge en dan met de auto naar Roeselare. 



Geen opmerkingen:

Een reactie posten